Ze drinken minder, maar zijn te vaak dronken

Jongeren drinken minder alcohol. Ze beginnen er ook later aan. Goed nieuws? ‘Vier op de tien jonger dan 16 jaar drinken, dat is te veel.’

lOmdat het gezellig is, zeker onder vrienden. Omdat ze er zin in hebben. Omdat het wordt aangeboden. Uit nieuwsgierigheid. De meeste tieners drinken alcohol om een van deze vier redenen. Dat blijkt uit de bevraging door VAD, het Vlaams expertisecentrum voor alcohol en andere drugs. Jaarlijks steekt dat zijn licht op bij leerlingen uit het secundair onderwijs, ditmaal waren dat er 7.500. Er wordt gepolst naar hun rook- en drinkgedrag en hun drugsgebruik.


De resultaten zijn op het eerste gezicht hoopvol: jongeren drinken en roken de voorbije tien jaar almaar minder. De leeftijd waarop ze hun eerste keer beleven, schuift bovendien met een jaar op. Het eerste glas alcohol is gemiddeld op 14,6 jaar, de eerste sigaret gemiddeld op 15 jaar.

Tegen de verveling

Toch is het te vroeg voor een hoerastemming, vindt VAD. Zeker onder de jonge alcoholgebruikers bestaat een risicogroep van een op de vijf leerlingen. Zij drinken om dronken te worden (20%), om zich goed te voelen (17,5%), zorgen te vergeten (16%) of tegen de verveling (8%). Een kwart van alle leerlingen geeft aan het voorgaande jaar dronken te zijn geweest.

En nog: jongeren drinken dan wel minder, als er alcohol aan te pas komt, zijn het vaak grote hoeveelheden en is er sprake van risicovol drinkgedrag. Denk aan ­bingedrinken – minstens zes standaardglazen alcohol binnen de twee uur voor mannen, minstens vier standaardglazen alcohol in dezelfde tijdspanne voor vrouwen. Dat vertaalt zich ook in de jaarlijkse cijfers van het Intermutualistisch Agentschap (IMA), dat gegevens van de ziekenfondsen analyseert. In december bleek hieruit nog dat in 2018 elke dag gemiddeld zes jongeren tussen 12 en 17 jaar in het ziekenhuis belanden na alcoholmisbruik.

‘Onze vraag is duidelijk: trek de minimumleeftijd voor alcohol op van 16 naar 18 jaar’, zegt Katleen Peleman, directeur van VAD. Zoals dat op 1 november ook gebeurde voor tabak. Het VAD staat niet alleen met die vraag: ook de Hoge Gezondheidsraad en de Christe­lijke Mutualiteit willen de minimumleeftijd optrekken. Minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open VLD) is daar geen voorstander van, omdat het volgens haar problematisch drank­gebruik onder jongeren niet voorkomt. ‘Maak van bier of wijn een verboden vrucht en ze worden alleen maar aantrekkelijker’, gaf ze aan in eerdere interviews. De Block gelooft wel in sensibilisering.

Wetenschap

De meeste experts zijn van mening dat, samen met voldoende sensibilisering en controle, een verhoging van de minimumleeftijd problematisch alcoholgebruik zal verminderen. De Block daarentegen beroept zich op de wetenschap: er is nog geen enkele grote wetenschappelijke studie verricht naar het effect van een verschuiving van een leeftijdslimiet voor alcohol van 16 naar 18 jaar.

In Groot-Brittannië en de VS werd dergelijk onderzoek wél uitgevoerd, maar daar speelden ook andere parameters mee, zoals een gewijzigde alcoholprijs of een jongere doelgroep. In de VS werd in een deel van de studies bovendien geen effect gemeten, in de andere wél een statistisch significante verlaging van de alcoholconsumptie. Bovendien speelt cultuur een belangrijke rol in dergelijk onderzoek: het laat zich bijgevolg moeilijk vertalen naar een ander land.

Al met al is het lastig om een oorzakelijk verband aan te tonen tussen wetgeving over de beginleeftijd voor alcohol en verminderd alcoholgebruik. ‘Toch zie je wel vaak dat alcoholconsumptie daalt na strengere wetgeving’, zegt psycholoog Karen Schelleman-­Offermans van de universiteit van Maastricht. ‘Alleen komt die wetgeving niet uit de lucht vallen. Ze komt er nadat in de samenleving al een sterke roep voor verandering is ontstaan. Op cultureel vlak is er dus al een verschuiving gaande.’

Katleen Peleman (VAD) ziet ondanks het gebrek aan wetenschappelijk bewijs twee belangrijke argumenten. ‘Van de jongeren onder de 16 die geen alcohol drinken, zegt 62% dat ze dit niet doen vanwege het feit dat alcohol voor hen verboden is. Ze grijpen de wetgeving dus aan om het niet te doen. Een tweede argument is de gezondheid van onze jongeren: alcohol is schadelijk voor de hersenontwikkeling van tieners. Die bezorgdheid moet primeren.’

Over de e-sigaret, tabak en andere drugs

  • Voor het eerst werd naar de e-sigaret gepeild. 23% van de leerlingen gebruikte ze ooit, 17% deed dit het voorbije jaar. Het aandeel regelmatige en dagelijkse gebruikers is wel laag.
  • Jongeren roken minder. Voor het eerst heeft ook in de oudste leeftijdsgroep een meerderheid nooit gerookt. De gemiddelde beginleeftijd steeg bovendien met een vol levensjaar. Het laatstejaarsgebruik blijft echter hoog: 24% bij 15-16-jarigen en 37% bij 17-18-jarigen.
  • Het gebruik van cannabis door laatstejaarsstudenten blijft de voorbije tien jaar stabiel.
  •  De evolutie verloopt traag maar gestaag: meer oudere leerlingen geven aan nadelen te ondervinden ten gevolge van hun gamegedrag.

Het volledige rapport vindt u op www.vad.be

VAN DIJCK, T. Ze drinken minder, maar zijn te vaak dronken. De Standaard, 15 januari 2020,
E-mail Print kopieer
Copyright © 2022 Pelckmans maakt een deel uit van Pelckmans uitgevers
mens en samenleving logo